Efficiënt met spareparts: 'Je wil ze niet in overvloed op je plank'

Kasper Hermans

Zorgen dat je fabriek of centrale altijd kan blijven produceren, is cruciaal. Maar je wil dat natuurlijk wel op een zo efficiënt en goedkoop mogelijke manier doen. Ivy’ers Hannah ter Horst, Thijs Boeije en projectmanager Henri Spekkink gingen met dat in hun achterhoofd aan de slag bij een energiecentrale.

Het project bestond uit een uitgebreid onderzoek dat was opgebouwd uit verschillende stappen. Eerst werd een FMECA uitgevoerd, waarin werd bepaald wat van onderdelen de faaloorzaken en de gevolgen daarvan zijn. “Als de verhoging van het risico hoger was dan de vooraf gestelde norm werd het gezien als een reden om verder in te zoomen op de noodzakelijke spareparts”, legt Hannah uit. “Als volgende stap in dit onderzoek bepaalden we in overleg met Henri en de specialisten welke herstelactie er uitgevoerd moest worden als er een storing zou optreden. Stel het gaat om een afsluiter die volgens de FMECA een risico blijkt te vormen op vier punten: de flens, het draaimechanisme, de klepzitting of de klep. Dan worden dat de faaloorzaken genoemd. Voor elke oorzaak zochten we vervolgens het juiste artikel dat nodig is als herstelactie.”

Sparepartanalyse

Nadat Hannah en Thijs dat voor alle kritische systemen hadden geanalyseerd, wachtte hen het volgende deel van hun opdracht: de sparepartanalyse. Daarbij onderzochten ze of en hoeveel voorraad er was van elk onderdeel. Op basis daarvan kregen ze een betrouwbaarheidsoverzicht per systeem in de fabriek. “Bijvoorbeeld: Voor 75 procent van de in het onderzoek als kritisch beoordeelde faaloorzaken is het juiste artikel op voorraad. In 15 procent van de gevallen is wel bekend welk artikel nodig is, maar is die niet als voorraadartikel aanwezig. En bij de overige 10 procent is geen artikel in de stuklijst terug te vinden. In die laatste categorie ontbrak het vaak aan de juiste informatie die er nog niet bij gezocht was.”

Zodoende heeft het bedrijf nu beter in kaart wat de status van het sparepartbeleid is. Het doel is om alle cruciale spareparts wel op voorraad te hebben, maar dat de voorraad zo klein mogelijk is. “Spareparts wil je niet in overvloed op je plank hebben liggen. Dat kost je bedrijf geld. Bovendien kan een onderdeel door tien jaar er alleen maar te liggen ook al verouderen of stukgaan.”

Strategie uitzetten

Hiermee is de vraag van de centrale al voor een groot deel ingevuld. “Voordat wij hiermee begonnen was er geen heel duidelijke strategie op dat gebied”, vertelt Henri. “Als je vroeg: wat zien jullie als een kritisch reserve-onderdeel? Dan was er geen heldere definitie. Maar die definitie is cruciaal als je een sparepartbeleid wil opzetten. Via dat antwoord kan je de verdieping maken en je voorraadstrategie bepalen. Daarvoor doe je dus een criticaliteitsanalyse in de vorm van FMECA, zodat je kan bepalen welke onderdelen van de installatie bij uitval impact op de productie hebben. In de eerste plaats wil je het liefst voorkomen dat de centrale stil komt te liggen door een storing, maar als die stroring dan alsnog optreedt, wil je dat die zo kort mogelijk duurt. Want geen productie is geen inkomsten.”

14.000 regels

Voor Hannah werd het na verloop van tijd een behoorlijk uitdagende opdracht. “Het eerste gedeelte was behoorlijk repeterend werk. Dan waren we bezig met de data te koppelen van alle systemen, terwijl sommige wel 14.000 regels lang waren. Op den duur werd het veel meer puzzelen: hoe maken we van deze data leesbare data? Ik ben best lang bezig geweest om te zorgen dat ik de juiste cijfers met elkaar kon vergelijken. Daarmee ben ik ook weleens tegen de lamp gelopen, dat ik tot de conclusie kwam dat ik appels met peren aan het vergelijken was. Ik was steeds bezig met de vraag: hoe kan ik deze data zo neerzetten dat ik hier conclusies uit kan trekken? Maar dat gaf het werk juist variatie en maakte het uitdagend.”  

Wij maken heel graag kennis met jou en jouw bedrijf. Ook zonder opdracht – we kunnen hoe dan ook vast van elkaar leren. 

Recente posts